Halve marathon: de struggles van een topsporter

‘De weg naar topprestaties is er één met ups en downs, zonder dieptepunten geen hoogtepunten’. Dit is een mooie spreuk voor op de koelkastdeur. Uit eigen ervaring weet ik dat hoogte- en dieptepunten dicht bij elkaar liggen. In dit blog wil ik jullie een kijkje in de keuken geven van een topsporter als het gaat om het mentale aspect bij topsport.

Als atlete op de lange afstanden train ik hard om mijn doelen te bereiken. Mijn doelen bereik ik niet alleen met trainen. Goed presteren, zie ik als een puzzel waarvan alle puzzelstukjes op de juiste plek liggen. Naast trainen zijn onder meer mijn voeding, voldoende rust en het mentale aspect, de puzzelstukjes die de puzzel compleet maken.

De wedstrijd

Een piekmoment voor mij, was de halve marathon van Breda. De maanden ervoor heb ik hier hard voor getraind. Alle voorgaande wedstrijden en trainingen stonden in het teken van deze wedstrijd. Hier wilde ik mijn persoonlijke record flink aanscherpen. De organisatie had alles perfect georganiseerd. Zo was er volop rekening gehouden met het dieet dat ik volg vanwege mijn prikkelbare darmsyndroom.

Ik bereid me op de wedstrijddag rustig voor door wat in te lopen en te babbelen met mijn partner en andere atleten. Op dat moment is de voorbereiding voor mijn gevoel afgerond. Ik heb er alles aan gedaan om zo goed mogelijk te presteren. Nu is het vooral een kwestie van vertrouwen op een goed eindresultaat. Het klinkt allemaal heel logisch en gemakkelijk. Aan de buitenkant is geen spoortje onzekerheid te bekennen. Jullie kennen vast de strakke koppies van sprinters voorafgaand aan een honderd of tweehonderd meter sprint. Ogenschijnlijk geen twijfels en zenuwen te bekennen.

Terug naar mijn halve marathon, ik had een perfecte voorbereiding gehad. Maar toch sloeg de twijfel toe. Een halfuur voor de start heb ik mijn startnummer afgespeeld, ben ik naar mijn partner gerend en zodra ik hem in het vizier had, kwamen de emoties. Een spontane huilbui was het gevolg. Tien minuten lang heb ik alles eruit gegooid. “Ik start niet, want het wordt toch niets”, “Ik heb alweer last van mijn darmen”, “Ik ga terug naar het atletenhotel” en “Ik loop nooit meer”. Mijn vertrouwen was compleet weg. Ik twijfelde aan alles.

Ik was ervan overtuigd dat ik deze wedstrijd niet zou uitlopen, terwijl de voorbereiding heel goed was geweest.

Ik had meerdere pr’s gelopen tijdens wedstrijden. Er was niets wat aanleiding gaf voor twijfels. “Waarom twijfel je nu? Stop eens met dat gepieker”, zei mijn partner. Hij probeerde mij ervan te overtuigen dat ik topfit was, maar ik zag het niet meer zitten. Ik wilde niet starten. “Prima, dan gaan we nu weg en was dit je laatste wedstrijd”, was zijn laatste opmerking. Op het moment dat hij zich omdraaide en wilde weglopen, ging bij mij de knop om. Opeens overviel mij het gevoel dat ik de hele wereld aankon. Ik zou hier iedereen laten zien wat ik kon. Ik trok mijn startnummer uit de handen van mijn partner, spelde deze snel op en snelde naar het startvak. Over vijf minuten zou het startschot klinken. Er was geen spoortje onzekerheid meer te bekennen. Opeens waren alle twijfels passé. Of zijn laatste zin de doorslag gaf, weet ik niet, maar ik zou hoe dan ook starten. Ik had niet voor niets zo hard getraind.

De eerste kilometer voelde onwennig, maar al snel vond ik mijn ritme en liep ik lekker. De gehele wedstrijd had ik geen twijfels meer. Ik voelde me heel sterk. Ik had een overwinnaarsgevoel en volop vertrouwen dat ik hier zou gaan finishen met een mooie tijd. Uiteindelijk gebeurde dit ook en verbeterde ik mijn persoonlijk record met twee minuten tot 1.16.18u.

Niet veel mensen weten van dit voorval. Men verwacht het niet van mij. Ik hoor vaak dat ik zelfverzekerd overkom, maar niets is minder waar. Ook topsporters hebben zo hun onzekerheden en het gaat erom hoe je hiermee omgaat.

Uiteindelijk ben jij zelf de baas over je gedachten en is het de vraag of je je door je twijfels laat beïnvloeden, of niet.

Bij mij is het toverwoord ‘loslaten’. Niet teveel nadenken en vertrouwen houden in mijn eigen kunnen.

 

 mariska fitgirls

Mariska Dute, 29 jaar, is langeafstandsatlete met het prikkelbaar darmsyndroom en loopt voornamelijk afstanden van vijf kilometer tot en met de marathon. Ze traint bij de trainingsgroep van Honoré Hoedt op Papendal. Daarnaast werkt ze als sportdiëtist en docent bij de opleiding Voeding en Diëtetiek aan de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen.

Facebook Comments

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *